De Vliegenval

De Vliegenval

Fredrik Sjöberg (1958)

Geen idee waar dit boek over zou gaan. Ik kocht het uit pure nieuwsgierigheid. Want over vliegen,  die vliegende soms lastige beestjes, wilde ik wel meer weten. De omslag van dit boek is uitnodigend. “Over het opgaan in passie, over de ziel van de verzamelaar en over het geluk van het leven met de natuur”  Dat beloofde nogal wat.

En het stelde niet teleur. Sterker nog: ik ben enthousiast over de schrijver, die dit onderwerp beschrijft met een vaardige pen, met humor en soms diepzinnige wijsheden.

Het onderzoeken van zweefvliegen is zijn passie. Hij wil weten welke soorten er verschijnen op het eiland van zijn jeugd, Runmarö (Zweden) en beschrijft hoe hij daar verblijft.
Om zweefvliegen te vangen voor determinatie, gebruikt hij een wereldberoemde vliegenval: de val van René Malaise (1892-1978). Een mega groot vehikel, waarbij sommigen dachten dat hij een partytent had neergezet. Deze ‘Mega Malaise Trap’ is een monster en geen andere is zo effectief, aldus de schrijver. Zijn aanvankelijke aversie tegen vallen heeft hij overwonnen. Vallen hadden iets onsportiefs, inhaligs en Sjöberg pleitte eerder voor de poëtische dimensie van het vliegenverzamelen. Het wachten, de traagheid, het nietsdoen. Sjöberg blijft moeite houden met het gebruiken van de val, het vergt immers weinig tot geen inspanning. Maar bij andere maiaiseval gebruikers, waren opmerkelijke zweefvliegen gevangen, zijn nieuwsgierigheid overwon.

Het verzamelen van zweefvliegen vindt plaats op een eiland, wat Sjöberg beschrijft als: een eiland wat een soort vijftien vierkante kilometer grote zondag. Sjöberg is gefascineerd door zweefvliegen, andere soorten laat hij links liggen. Er zijn 368 soorten zweefvliegen in heel Zweden. Omdat het onmogelijk is die op het vasteland te vinden, beperkt hij zich tot het eiland. Tot dusver heeft hij 202 soorten weten te vangen, een triomf noemt hij het. Alleen het probleem om het uit te leggen is groter, aldus de schrijver/ bioloog. Dat getal zegt iets over het eiland, maar het meest nog over de mogelijkheden van een leven van stilzitten.

Het boek stipt het leven van  Malaise, die een geboren jager was en een voorliefde had voor ongewone vangsten en extravagante methodes. Sjöberg beschrijft het leven van Malaise tot deze uit beeld verdwijnt. Ook de reizen die Sjöberg zelf maakt geeft hij treffend weer. Malaise en Sjöberg ‘ontmoeten’ elkaar  in de kunst, Malaise was een groot kunstverzamelaar, Sjöberg is naast bioloog ook kunstcriticus. Het boek eindigt met een verdwenen schilderij wat toch weer opduikt dankzij de interesse van Sjöberg in Malaise.